Het land van de Nijl

De Griekse schrijver Herodotus, die in de 5e eeuw voor Christus Egypte bezocht, wordt vaak geciteerd met de woorden: ‘Egypte is een geschenk van de Nijl’. Hoewel dit zeker waar is, had hij het eigenlijk alleen over het meest noordelijke deel van Egypte, tot ‘zeven dagen varen vanaf de zee’ (Historieën boek 2, hoofdstuk 5). Hij omschrijft dit gebied (de Nijldelta) als een moeras, wat we terugzien in Oudegyptische tombes waar de grafeigenaar zich vermaakt op een boot tussen het riet.

nebamun

Nebamun met een bootje in het riet

De Nijl is met 6853 km een van de langste rivieren ter wereld. De Witte Nijl, die ontspringt in het Victoriameer, en de Blauwe Nijl uit Ethiopië komen samen bij Khartoum, waarna de Nijl doorloopt tot aan de Middellandse Zee. Zonder de rivier was Egypte inderdaad een barre, droge woestijn. Door hevige regens in de bergen waar de Nijl ontspringt overstroomde de rivier elk jaar in de zomer. De akkers waarop graan, groente en vlas werd verbouwd kwamen zo onder water te staan. Deze jaarlijkse overstroming bepaalde de Egyptische kalender, en belangrijke goden werden vereerd die te maken hadden met vruchtbaarheid en groei. Belangrijk was dat het Nijlwater hoog genoeg kwam, anders was er hongersnood, maar niet te hoog, want dan konden hele dorpen wegspoelen.

De Egyptische kalender had drie seizoenen van vier maanden:

seizoenen2

Het Oudegyptische woord voor het land Egypte is ‘kemet’, wat ‘zwart land’ betekent. Met dit zwarte land werd het vruchtbare zwarte slib bedoeld dat de Nijl elk jaar met zich meebracht, en de bewoonbare strook land vlak langs de Nijl. De onbewoonbare woestijn was het ‘rode land’. Hier heerste chaos, leefden wilde dieren en werden de doden begraven.

zwart_rood_rivier

De Nijloverstroming zelf werd vereerd als Hapy, een god met een blauwe huid, dikke buik en hangende borsten. Osiris was de god van de onderwereld, maar daarmee ook van nieuw leven. Hij had een groene huid en was gemummificeerd. Zijn broer Seth had hem namelijk in stukjes gehakt, in een bekend mythologisch verhaal. Als tegenhanger van deze chaosgod bestond Ma’at, de godin van gerechtigheid en sociale orde. Op haar hoofd droeg ze een veer waartegen het hart van de overledene in het hiernamaals werd gewogen. Bleek je hart zwaarder dan deze veer van de waarheid, dan werd je ziel verzwolgen door een kwaadaardig monster…

goden2

Egypte lag relatief veilig ingeklemd tussen de Middellandse Zee in het noorden, de Rode Zee in het oosten, Nubië (het huidige Sudan) in het zuiden en de Sahara-woestijn in het westen.

Link: Kaart van het Oude Egypte

De Nijl stroomt van zuid naar noord in plaats van andersom, iets waar Herodotus zich al over verbaasde. Daarom wordt de zuidelijke Nijlvallei ‘Boven-Egypte’ genoemd en de Nijldelta, waar de rivier uitwaaiert in zee, ‘Beneden-Egypte’. De farao, de koning van Egypte, was de ‘heer van beide landen’. De lotus was het symbool van Boven-Egypte, de papyrusplant van Beneden-Egypte. Ook de zegge en de bij waren symbolen voor Boven- en Beneden-Egypte, zoals in het veelgebruikte woord voor ‘koning’. De ‘twee landen’ speelden een belangrijke rol in de geschiedenis van het koningschap. De eerste farao werd beschouwd als degene die de twee rijken samenvoegde onder één heerschappij. Ons woord ‘farao’ is eigenlijk afgeleid van het woord voor ‘paleis’.

koning

De Nijl was belangrijk als bron van leven (water en voedsel), maar ook als verkeersader. Het moet een drukte van jewelste zijn geweest met vissersboten, veerponten, handelsschepen, plezier- en inspectietochten van hoge ambtenaren en staatsieschepen van de koninklijke familie. Als je van noord naar zuid wilde varen, kon je zeilen op de wind die uit het noorden kwam. Andersom, van zuid naar noord, werden de zeilen gestreken en voer je op de stroming van de Nijl. Dat is ook te zien in de hiërogliefen voor ‘zuidwaarts’ en ‘noordwaarts’:

zuid_noord

Misschien hebben Egyptenaren nooit het wiel uitgevonden omdat ze die simpelweg niet nodig hadden. Ze hadden immers de Nijl als snelweg over het water en sterke ezeltjes als pakdieren op het land. De kameel werd pas in de Ptolemaïsche Periode (vanaf Alexander de Grote, die Egypte in 323 voor Christus veroverde) in Egypte als transportdier gebruikt. De Nijloverstroming stopte in 1970, toen de High Dam bij Aswan werd voltooid.

img_7772

De Nijl bij het huidige Luxor (vroeger Thebe)