Achtergrond
-
Nieuws uit Egypte
U heeft al even niet van mij gehoord – dat was omdat ik zelf een maand in Egypte was. Hier heb ik o.a. het Grand Egyptian Museum bezocht, heerlijk rondgewandeld tussen de mastaba’s in Giza en Saqqara (eindelijk Irukaptah en Neferherenptah gezien!) en uitgerust/gewerkt in Luxor. Ook fijne samenwerkingen aangegaan voor leuke toekomstige plannen…

Uw correspondent in Egypte Dan volgt nu het laatste nieuws:
Nieuw heilig meer in Karnak
Het tempelcomplex van Karnak in Luxor staat bekend om zijn grote heilige meer waarin priesters zich baadden, heilige ganzen werden gehouden en waarop men de godenbark liet ronddobberen tijdens het Opet-feest. Daarnaast is er het halfronde Isheru-meer in de tempel gewijd aan de godin Moet. Dit tweede meer verwijst naar de mythe van ‘Het oog van Re’, waarin de zonnegod, moe geworden van zijn eigen schepping, zijn dochter naar aarde stuurt in de vorm van de wraakgodin Sechmet. Als leeuw verscheurt ze de mensheid, waarop de goden medelijden krijgen en een list verzinnen om haar te kalmeren. 7000 kruiken bier vermengd met rode oker wekken de gelijkenis met bloed. Bloeddorstig als ze is drinkt ze het meer van bloed op, en dronken geworden, zo mak als een kat, kan de godin worden verwijderd.
Deze heilige meren bij tempels stonden mythologisch gezien in verbinding met het oerwater Noen, waaruit de schepping voortkwam. De Benben-steen die uit het water oprees (later gesymboliseerd door obelisken en de top van piramides), was het eerste land waarop de zonnegod straalde, en precies op die plek werd de tempel gebouwd. De tempel als geheel stond dan ook voor de kosmos – met versteende papyruszuilen die vanuit het oermoeras tot aan de hemel reikten. Dat elke belangrijke stad zijn eigen heiligdom had maakte de Egyptenaren niet uit: elke tempel stond op zijn eigen oerheuvel.
Nu heeft een team van Egyptische en Chinese archeologen een nieuw heilig meer(tje) ontdekt bij Karnak. Het ligt bij de kapel van Ma’at in het Montu-tempelgebied. Het gaat om een bescheiden bassin van 50 m2 – een flinke badkuip.
Het tempelcomplex van Karnak is het grootste ter wereld, en er is over een periode van 2000 jaar door verschillende koningen aan gebouwd. Het was gewijd aan de godenfamilie Amon, Moet en Chonsu, maar er waren ook tempels en kapellen voor andere goden. Montu was een valkkopige oorlogsgod, terwijl Ma’at de personificatie was van gerechtigheid en sociale orde.

Heilig meer of heilige badkuip? 
Stenen versierd met de god Hapy verwijzen naar het vloedwater van de Nijl 
Kaart van het tempelcomplex van Karnak met de heilige meren (Ancient Egypt Online) Vondsten bij de zonnetempel van Niuserre
In december werd bekend dat er nieuwe vondsten zijn gedaan bij de zonnetempel van Niuserre in Abusir/Abu Ghurab. Langzaam maar zeker wordt de structuur blootgelegd van dit 4400 jaar oude monument.
De tempel werd in 1901 ontdekt door de Duitse Egyptoloog Ludwig Borchardt, maar kon toen niet opgegraven worden wegens hoog grondwater. De ingang werd ontdekt onder 1,2 m Nijlslib. De originele vloer, kalkstenen zuilbasen en fragmenten van granieten zuilen zijn inmiddels vrijgelegd. Er was een trap naar het dak (om de zon/sterren te observeren?) en een aflopende weg naar de rivier. Een hiërogliefeninscriptie blijkt een uitgebreide festivalkalender te bevatten uit de tijd van koning Niuserre. De tempel was oorspronkelijk versierd met reliëfs, waarvan er nog enkele in het museum in Berlijn te vinden zijn. Ook zijn er grote altaren en bassins gevonden om het bloed van offerdieren in op te vangen. Het complex omvatte de huizen van priesters en personeel, en begraven boten die verwijzen naar de reis van de zonnegod langs de hemel.

Resten van de zonnetempel van Niuserre 
Een gevonden inscriptie Koningen uit de 5e dynastie (ca. 2500-2350 v.Chr.) bouwden deze tempels om de zonnegod Re te eren. Ze bevatten grote obelisken met een brede basis, een verwijzing naar de voorwereldlijke Benben-steen waarop de schepping plaatsvond. Hoewel er zeker zes zonnetempels moeten hebben bestaan (afgaande op inscripties waarin ze genoemd worden), zijn er tot op heden maar twee ontdekt.
Zonsverduistering in 2027
Op 2 augustus 2027 vindt in Luxor iets heel bijzonders plaats: een volledige zonsverduistering!
De oude Egyptenaren hadden een obsessie voor astronomische verschijnselen, zoals blijkt uit de verering van de zonnegod in zijn vele gedaantes en de associatie van de ster Sirius en constellatie Orion met de goden Isis en Osiris. Er zijn complexe astronomische plafonds bekend uit Egyptische graven en tempels en er is de beroemde zodiak van Dendera.
De oude Egyptenaren observeerden ook al zondsverduisteringen, al weten we niet precies hoe ze dit ervaarden. Op 1 april 2471 v.Chr. vond er een bijna totale eclips plaats in de Deltastad Boeto en de hoofdstad Memphis, in de tijd van koning Shepseskaf. Gek genoeg liet deze koning geen piramide bouwen, zoals zijn grote voorgangers Khufu, Khefren en Menkaure (de grote piramides van Giza), maar een platte mastaba! Zijn opvolgers in de 5e dynastie waren des te meer geïnteresseerd in de zonnecultus, en bouwden naast piramides ook zonnetempels.
Ook op 30 september 1130 v.Chr. vond er een zonsverduistering plaats, te zien vanuit Heliopolis. Volgens Egyptoloog Hans Goedicke is het geen toeval dat er in de mythe van ‘De strijd tussen Horus en Seth’ een regel staat over de zonnegod Re ‘die op zijn rug ligt’. Een verwijzing naar een zeldzaam astronomisch verschijnsel?
In het graf van Ramses 5 (KV9), later hergebruikt en uitgebreid door Ramses 6, is naast een prachtig astronomisch plafond (met de godin Noet die zich uitstrekt over de grafkamer) ook een andere bijzondere afbeelding te vinden. Tussen gang G en H is daar de maan afgebeeld als schijf en sikkel. Of is het de maan die voor de zon schuift?

Enigmatische scène in KV9 Kortom: allerlei spannends. Maar wees er snel bij voor volgend jaar, want hotelkamers worden nu al geboekt!
-
De vermoeide koning
Een blik op de beelden van koning Sesostris III verraadt dat hij het niet makkelijk had. In tegenstelling tot de serene, jeugdige gelaatstrekken die we gewend zijn van andere farao’s, toont dit portret een man met diepe rimpels, hangende oogleden en een uitdrukking die spreekt van een bestuurlijke burn-out. Waarom brak deze koning zo drastisch met de eeuwenoude Egyptische traditie van geïdealiseerde koningsportretten?
Sesostris III regeerde tijdens het Middenrijk (ca. 2055-1650 v. Chr.), een periode van hernieuwde bloei na de chaos van de Eerste Tussenperiode. Zijn beeldhouwers creëerden iets ongekends: portretten die niet de eeuwige, goddelijke jeugd van een farao toonden, maar juist zijn menselijkheid. Deze ‘vermoeide’ uitdrukking was geen artistieke vrijheid. Het was een bewuste keuze die zijn ideologie uitdrukte.
Er is veel geschreven over het einde van het Oude Rijk (het piramidetijdperk) en de Eerste Tussenperiode (ca. 2180-2055 v. Chr.), maar we krijgen een steeds duidelijker beeld van klimaatomslag, lage Nijlstanden, hongersnood en migratie. Terwijl de hoofdstad Memphis sterk ineenkromp en mogelijk (tijdelijk) werd verlaten, groeiden steden als Edfu in het zuiden. Lokale heersers als Ankhtify in Mo’alla scheppen op over het feit dat hun inwoners geen honger hebben geleden en dat hij ze tegen allerlei onheil heeft beschermd.
Tijdens het Middenrijk ontstaat een genre van ‘chaosliteratuur’ waarin deze omslag op literaire wijze wordt benadrukt. Verhalen zoals de Profetie van Neferti, geschreven tijdens de 12e dynastie, zijn gesitueerd in het verleden. De wijze Neferti wordt ontboden aan het hof van koning Snofroe (die leefde tijdens de vierde dynastie van het Oude Rijk) waar hij profeteert over de neergang van het Egyptische rijk door burgeroorlog en het herstel door een grote koning die deze chaos weer bezweert.
We weten dat Sesostris III hervormingen doorvoerde om de administratie van het land te versterken en de macht van lokale gouverneurs in te perken. Hij leidde militaire campagnes in Nubië en versterkte de noordelijke grenzen tegen ‘Aziatische’ indringers. Ook weten we dat de Nijloverstromingen tijdens het Middenrijk niet zo vol waren als voorheen, waardoor er strikter bestuur kwam over landbouwgronden. De vermoeidheid op zijn gezicht lijkt een visuele weerslag van deze lasten.
Ook wordt het Middenrijk sterk geassocieerd met het volwassen worden van de staat en een hang naar wijsheid. Geleerd van de fouten uit het verleden bloeide de literatuur op – uit deze periode hebben we de meeste teksten die ook nu nog gelezen worden door studenten Egyptologie. In de oudheid moesten leerlingen deze teksten eindeloos overschrijven en uit het hoofd leren, wat tot eeuwen na het Middenrijk gebeurde.
Sesostris III’s ‘vermoeide’ blik was geen teken van zwakte, maar van kracht. Hij laat zien dat hij een goede leider was die moeilijkheden het hoofd bood en – wie weet – in zijn vrije tijd literatuur las en zijn hoofd boog over filosofische vraagstukken.
Benieuwd naar de verhalen achter de kunst?
Volg dan vanaf 17 september de cursus Eeuwige schoonheid: 3000 jaar Egyptische beeldhouwkunst, grafkunst en materiële cultuur!
Met acht online hoorcolleges en een rondleiding door het Rijksmuseum van Oudheden ter afsluiting.
U kunt zich nog aanmelden!
-
De glimlach van Hetepheres
In het dubbelbeeld van Hetepheres en Meresankh staan moeder en dochter gearmd afgebeeld in de klassieke Ouderijks stijl: in een simpele, bijna doorschijnende lange jurk met de armen stijf langs het lichaam, de ledematen wat blokkig afgebeeld en de spieren geaccentueerd. Toch speelt er een glimlach rond de mond van Hetepheres als ze haar arm om haar dochter slaat.
Egyptische kunst wordt vaak gezien als tijdloos en Egyptische afbeeldingen zijn uit duizenden te herkennen. Toch zitten er grote ontwikkelingen in de 3000 jaar waarin de Egyptische kunst als beeldtaal werd gebruik. Zo kun je met enige oefening feilloos herkennen of iets een Ouderijks, Middenrijks, Nieuwerijks pre-Amarna of Ramessidisch beeld is, of een archaïserende kopie uit de Late Periode. Elk tijdsbestek had zijn eigen waardes die werden uitgedrukt in de kunst.
Zo waren Meresankh en Hetepheres niet zomaar vrouwen: Meresankh was de kleindochter van koning Khufu die de grootste piramide van Giza had laten bouwen, en de vrouw van diens opvolger Khafre. Zelfs in steen is de liefde van Hetepheres voor haar dochter gevat: ze gaf Meresankh een zwartgranieten sarcofaag (met steen uit de groeves in het verre zuiden van Aswan) voor haar waarschijnlijk vroegtijdige begrafenis, en ook op de canopenvazen in het graf staat afgebeeld hoe ze haar dochter omhelst.
Dit tegen de achtergrond van de vierde Egyptische dynastie, wanneer het Oude Rijk economisch opklimt tot grote hoogtes, met ongeëvenaarde piramidebouw en consolidatie van macht tot gevolg. In een tijd dat men gelooft dat de koning een god op aarde is en iedereen in de schaduw van zijn monument begraven wil worden. Het rijk zou nog honderden jaren gedijen tot interne strubbelingen en externe klimaatverandering het zou doen wankelen en vallen.
Wilt u meer weten over dit soort verhalen achter de beeldhouwwerken, monumenten en kunstvoorwerpen die de oude Egyptenaren ons hebben nagelaten?
Volg dan de cursus Eeuwige schoonheid: 3000 jaar Egyptische beeldhouwkunst, grafkunst en materiële cultuur!
Met acht online hoorcolleges en een rondleiding door het Rijksmuseum van Oudheden ter afsluiting.